Eerder met pensioen

 

Vervroegen van uw ouderdomspensioen

De pensioenregeling gaat ervan uit dat als u een volledig pensioen heeft opgebouwd, u op uw 62e met pensioen gaat. Dat is mogelijk omdat u het recht heeft een deel van uw pensioen vóór uw 65e te gebruiken.

 

Om u een gelijkblijvende bruto pensioenuitkering te bieden, bestaat de mogelijkheid van overheveling. De rechten tot uw 65e en de rechten na uw 65e, inclusief de AOW, worden zoveel mogelijk op één niveau gebracht, zodat u voor en na uw 65e een gelijk inkomen ontvangt. Maar u kunt op de pensioendatum, binnen bepaalde marges, ook een andere verdeling laten toepassen. Daarbij geldt wel dat de verhouding maximaal 100:75 mag zijn.

 

Ter verduidelijking: uw oudedagsinkomen vanaf uw 65e bestaat uit een pensioen- en een AOW-uitkering. Tot uw 65e bestaat het alleen uit een pensioenuitkering. Overigens kunt u voor het vervroegde ouderdomspensioen ook gebruik maken van:

• Het vroegpensioen dat u eventueel heeft opgebouwd in de oude vroegpensioenregeling.

• Het aanvullingsbedrag waar u recht op heeft als u voldoet aan de voorwaarden van één van de aanvullingsregelingen.

 

Sparen om eerder te stoppen met werken

Wilt u eerder stoppen met werken en toch een volledig pensioen ontvangen? Dan kunt u daar fiscaal voordelig voor sparen in een levensloopregeling. Voorwaarde is wel dat u het gespaarde geld gebruikt om vrije tijd te kopen. De regeling is dus geschikt voor werknemers, die eerder willen uittreden. U kunt een levensloopregeling echter ook gebruiken:

•  Als u geen volledig pensioen kunt opbouwen en ook niet voldoet aan de voorwaarden van de aanvullingsregelingen.

•  Als u een hogere pensioenuitkering wilt.

•  Als u een eventueel pensioentekort wilt aanvullen.

•  Als u voor tussentijds verlof wilt sparen.